Hondenschool Sint-Niklaas

Subtitle

Overgangsproef A naar B

___________________

 

Bij de overgangsproef van A naar B wordt de begeleid(st)er getest om te zien of hij/zij op een juiste manier werkt met de hond.

Deze proef wordt elke eerste woensdag van de maand (uitgezonderd januari en augustus) afgenomen.

 

Wandeling met leiband.

 

Vertrekken in rechte lijn, met onderweg een linkse afslag en stoppen met de hond aan de voet en in zithouding.

 

Houdingen.

 

De hond moet drie houdingen aannemen: liggen, zitten en rechtstaan.

 

Down (blijven liggen).

 

De hond achterlaten in lighouding, op een afstand van drie meter aan de lange lijn en dat gedurende één minuut.  De minuut begint pas te lopen als de begeleider op drie meter staat.

 

Plaats.

 

Het is de bedoeling dat de begeleid(st)er bewijst dat hij/zij deze oefening begrijpt en de hond op een correcte wijze helpt.

 

De hond laten zitten en het matje op een afstand van ongeveer een meter voor de hond leggen.

Samen naar het matje gaan, de hond op de mat laten zitten en vervolgens laten liggen.

De hond achterlaten in die lighouding en met het aangezicht naar de hond

op een afstand van drie meter gaan staan (lange lijn).

De hond oproepen in zitvoor en vervolgens aan de voet.

De hond op een juiste manier terugsturen en begeleiden naar zijn plaats.

 

Voorstellen.

 

De tanden van de hond laten zien en daarna de hond laten aaien door de keurmeester.

 

Omgang mens/hond.

 

Gedurende de ganse duur van de proef wordt er gekeken of de begeleid(st)er de hond op een juiste manier behandelt en of de hond de helpende hand van de begeleider aanvaardt.

 

Al deze oefeningen worden aangeleerd tijdens de trainingen in de A-klas.

Bij eventuele vragen en voor specifieke details kan men terecht bij de instructeurs.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Overgang van B naar C

_________________ 

 

Bij deze proef wordt de hond getest op zijn kunnen om over te gaan

naar de brevetklas (C-klas).

De leiband moet:

met de aangelijnde oefeningen:

 in de hand langs de kant van de hond genomen worden

(zonder uitsteeksel boven de hand)

 met de onaangelijnde oefening:

 volledig weggestoken worden.

 

Wandeling met leiband.

 

De wandeling is in de vorm van een slalom.

 

Vertrekken in rechte lijn zodat de hond tussen de wachtende mensen en de begeleid(st)er loopt tot aan de laatste persoon en dán terugkomen in slalom tot aan het vertrekpunt.

 

Wandeling zonder leiband.

 

Vertrekken in rechte lijn tot het keerpunt.

 Daar aangekomen de hond laten zitten, eventueel even terug aanlijnen, omdraaien en opnieuw onaangelijnd teruggaan.

Tijdens deze oefening zal er op een meter afstand een andere begeleider met hond passeren.

 

Houdingen.

 

De hond moet drie houdingen aannemen: liggen, zitten en rechtstaan.

 

Down (blijven liggen).

 

De leiband volledig uitdoen, de hond laten liggen gedurende twee minuten op een afstand die de instructeurs bepalen.

 

Plaats.

 

Vertrekken met leiband en (eventueel) het matje.

Samen naar de plaats gaan en de hond op de mat laten zitten, de hond aflijnen en laten liggen.

Vijf meter afstand nemen.

De hond oproepen in zit voor, en vervolgens aan de voet.

De hond terugsturen naar zijn plaats.

 

Apporteren.

 

De hond aan de voet zetten, de leiband volledig uitdoen, het speeltje weggooien (acht meter).

De hond moet wachten op het bevel om het speeltje te gaan halen
en
brengt het dan tot bij de begeleider terwijl hij gaat zitten.

Voorstellen.

 

De tanden van de hond laten zien en daarna de hond laten aaien door de keurmeester.

 

Voedsel weigeren.

 

De hond aan de voet zetten en zijn aandacht vragen.

De keurmeester biedt een worstje aan.

 De hond mag het worstje niet aanraken.

 

De begeleider mag één keer een bijbevel (foei of neen) geven.

 

Algemene houding.

 

Tijdens deze overgangsproef mag de hond geenszins zijn behoefte doen op het plein.

 Doet hij dit wel dan worden er punten afgetrokken.

 

 

Al deze oefeningen worden aangeleerd tijdens de trainingen in de B-klas.

Bij eventuele vragen en voor specifieke details kan men terecht bij de instructeurs.